Educatie & tentoonstellingen

Ardjuna Candotti, Educator & Tentoonstellingsmaker: ‘Door de complexiteit van de geschiedenis te verkennen, verbinding te leggen met actuele gebeurtenissen én met wie je bent, hopen we via  educatie ook bij te dragen aan bewustwording van multiperspectiviteit, doorbreken van vooroordelen en het maken van bewuste keuzes die net dat verschil kunnen maken.’


Ardjuna Candotti, educator & projectleider tentoonstelling Vechten voor Vrijheid

Inzetten op onderwijs

‘Als je de koloniale geschiedenis en de impact daarvan niet van huis uit meekrijgt, dan hoor je voor het eerst op school iets over Nederlands-Indië. Dat is een van de redenen waarom het IHC ook structureel inzet op onderwijs. We willen professionals (in opleiding) die met jongeren werken, zoals leraren, zowel kennis als tools geven in hoe je aan de slag kunt met de geschiedenis en hedendaagse erfenis van Nederlands-Indië. Hoe je bijvoorbeeld leerlingen meer meegeeft van deze geschiedenis én voorbereid op hun rol als burger in de samenleving.’ 

Multiperspectief 

‘Eén van de doelgroepen is het onderwijs en professionals (in opleiding). In onze educatieve producten richten we ons op het bespreekbaar maken van (de impact van) kolonialisme, oorlog en migratie. Multiperspectiviteit is een belangrijk uitgangspunt. De geschiedenis van Nederlands-Indië kan vanuit verschillende perspectieven aan jongeren worden uitgelegd en biedt ook aanknopingspunten om in te gaan op actuele onderwerpen, zoals afkomst, (on)vrijheid, vooroordelen en discriminatie. We zetten daarbij persoonlijke verhalen in, waardoor jongeren ook in aanraking komen met gezichtspunten van anderen. Dit helpt bij het bevragen van hun eigen standpunten en keuzes. Ook sporen in de directe omgeving van jongeren - denk aan gebouwen, taal tot denkbeelden – brengt het verleden dichterbij. Zo hopen we niet alleen bij te dragen aan bewustwording van toen, maar ook aan wereldburgerschap nu en straks.’

Duiden en presenteren van verhalen 

‘De aankomende jaren wordt er toegewerkt naar een semipermanente tentoonstelling op de nieuwe locatie. In voorbereiding daarop werken we nauw samen met ons publiek en verschillende museale/culturele partners – van ooggetuigen, kleinkinderen, kunstenaars tot andere organisaties – tijdens wisselende tentoonstellingen en participatieprojecten bij het verzamelen, betekenis duiden en presenteren van verhalen. We richten ons daarbij op zowel universele thema’s (in 2018-2019: verzet), actueel zoals migratie (2020), en onderwerpen zoals identiteit, loyaliteit die voor veel mensen herkenbaar zijn. Op deze manier willen we voor een breed publiek toegankelijk en relevant zijn.’

Carel-Vincent

Erkenning voor het Indische verhaal in het onderwijs?

Carel-Vincent kwam tijdens zijn opleiding aan de PABO op stage bij het IHC, en zet zich inmiddels in voor diverse IHC onderwijs projecten. Carel sprak zich uit over het belang van erkenning voor het Indische verhaal binnen het onderwijs tijdens de column die hij voordroeg tijdens de bijeenkomst van Gepeperd Verleden in het Scheepvaartmuseum: 

‘Vaak krijg ik uit Indische kringen geluiden van kritiek op het onderwijs te horen zoals: ‘Vroeger leerden wij alles over Nederland maar wat weten zij van Indië?’ of ‘Wat weet Nederland van ons oorlogsleed?’. Als het in de boekjes zou staan, zou men ons beter begrijpen.’ Wat betekenen deze geluiden voor ons onderwijs? Is het de taak van het Nederlands onderwijs om de Indische gemeenschap erkenning te geven en te bevestigen in hun slachtofferschap? Mag het erkennen van slachtofferschap in een postkoloniaal tijdperk enkel gericht zijn op een specifieke groep? Wordt het dan niet een éénzijdig verhaal? Ik vraag me af of ik straks als leerkracht op die wijze erkenning hoor te geven. Aan wie geef ik dan erkenning? Wiens verhaal vertel ik? Hoe sluiten deze verhalen aan op de actualiteit? Dat zijn vragen die ik mezelf dagelijks stel. Met een top-down systeem waarbij je als leerkracht vaak onderaan staat heb je niet de macht de gebruikte canon en de daaruit voortvloeiende methodes aan te passen maar je kunt je leerlingen wél vormen in kritische burgers die niet alleen weten wie zij zijn maar vooral ook bewust kunnen omgaan met de vrijheid over hoe zij zijn. Kinderen die in hun manier van zijn onafhankelijkheid van bestaande ordes hebben. Dat is de erkenning die ik als leerkracht wil geven aan een inclusief verhaal.’ 

Educatie

Het IHC wil dé plek en gespreks- en samenwerkingspartner zijn voor onderwijs op het gebied van geschiedenis en erfenis van Nederlands-Indië. Om de actualiteit, betrokkenheid en relevantie van deze geschiedenis breed onder de aandacht te brengen, werken we nauw samen met diverse onderwijs- en culturele partners landelijk en lokaal aan educatieve programma’s en exposities. Daarbij streven we naar langdurige en duurzame samenwerkingen. Zo ook in 2018: 

Kwaliteitsimpuls Educatie (KWIE): landelijke educatieve samenwerking Stichting Musea en Herinneren 40-45 (SMH 40-45) & Expertmeeting Over de Grens

De Kwaliteitsimpuls Educatie is een intensief tweejarig samenwerkingstraject van de veertien bij de SMH 40-45 aangesloten instellingen – ook het IHC is hierbij aangesloten. Voortkomend uit de Educatieve agenda zoals opgesteld door het Nationaal Comité en SMH 40-45 houden de educatief medewerkers van de afzonderlijke musea en herinneringscentra zich onder meer bezig met de vraag: ‘Hoe kunnen we het erfgoed van de Tweede Wereldoorlog actueel en relevant laten zijn nu en straks?’ Pijlers zijn onderwijs, tentoonstellingen en vrijwilligers. Er wordt zowel gewerkt aan het vormgeven van een landelijke educatieve WO2 agenda, kennisbevordering als het ontwikkelen van educatieve producten en tools. Vanuit het IHC zetten educator Ardjuna Candotti en projectmedewerker educatie Maartje Strijbis zich in voor dit project.

Kennis van kennis overdragen 

St. Musea en Herinneringscentra 40-45 startte een tweejarig traject Kwaliteitsimpuls educatie. Ook educatiemedewerkers van het IHC nemen hier aan deel, samen met educatoren van onder meer Herinneringscentrum Kamp Westerbork, Verzetsmuseum Amsterdam, en Joods Cultureel kwartier. Drie vragen aan Annette Schautt, directeur Stichting Musea en Herinneringscentrum 40-45 over de Kwaliteitsimpuls educatie.

Vanuit de samenwerking St. Musea en Herinneringscentra 40-45 is er een tweejarig traject Kwaliteitsimpuls educatie gestart. Wat is het doel hiervan en waarom is dit belangrijk?
‘De Kwaliteitsimpuls educatie is opgestart om kennis uit te wisselen op het gebied van educatie, en om elkaars goede bestaande projecten te leren kennen. Alle veertien leden van St Musea en Herinneringscentra 40-45 doen mee. Binnen de kwaliteitsimpuls hebben ze zelf hun doelen bepaald en zich verdiept in onder andere het MBO onderwijs en hoe de deelnemers als musea en herinneringscentra deze doelgroep – de leerlingen – goed en op een manier die aansluit bij hun belevingswereld kunnen bereiken. Bijvoorbeeld door het samen ontwikkelen van digitale lessen voor het project Plekken met een Verhaal. Binnen de kwaliteitsimpuls hebben we drie werkterreinen afgebakend: onderwijs, tentoonstellingen (hoe zorg je als herinneringscentrum dat educatie vanaf het begin een integraal onderdeel is van de tentoonstellingen die je maakt is), vrijwilligers (hoe werf je vrijwilligers die jouw organisatie steunen, hoe koester je ze, hoe zorg je dat ze kennis van zaken hebben en hoe leer je ze om die kennis over te dragen?). Binnen deze kwaliteitsimpuls definiëren we deze werkvelden samen nader, vatten we onze bevindingen en resultaten samen in bruikbaar materiaal en delen die kennis met het hele veld.’

Waarom is het belangrijk dat het IHC onderdeel van deze Kwaliteitsimpuls educatie (KWIE) uitmaakt?
‘Het IHC heeft kleine staf en binnen de samenwerking van de Kwaliteitsimpuls kunnen medewerkers zich verdiepen en verder leren. Leren is een ontwikkelproces en binnen de Kwaliteitsimpuls leren we allemaal van elkaar. Soms alleen al door bijvoorbeeld tips, methodieken of een aanpak van collega’s bij andere herinneringscentra over te nemen. Vaardigheden als planning, vertalen in resultaten algemeen en naar eigen praktijk, procesafspraken, handelen van meerdere verplichtingen en loyaliteiten zijn voor veel medewerkers belangrijke leermomenten. Daarnaast kunnen educatieve medewerkers binnen KWIE nadenken over en zich bezinnen op hun strategie en beleid. Binnen de KWIE heeft het IHC voor input gezorgd met betrekking tot diversiteit: welk taalgebruik, welke benadering, welk perspectief gebruik je in de tentoonstellingen en educatie die je als herinneringscentrum maakt, maar ook: wie zijn de personen die tentoonstellingen maken. Via de KWIE willen we educatieve medewerkers van deelnemende centra concrete tools in handen geven om nog mooiere en nog betere tentoonstellingen en educatieve projecten te kunnen realiseren.’

Wat kan juist het IHC inbrengen/toevoegen?
‘Het multiperspectief, maar ook het internationale karakter van WO2. Juist het IHC kan een spiegel voorhouden: in Nederland zijn de meeste tentoonstellingen nog altijd vanuit en voor het (witte) Nederlandse perspectief.’

Expertmeeting ‘Over de grens’

WOII raakte bijna alle samenlevingen, maar elke samenleving kijkt op eigen wijze hierop terug. Hoe ga je als lokale instelling hier mee om? In het kader van de KWIE organiseerde het IHC in samenwerking met het Museon in Museum Sophiahof de Expertmeeting ‘Over de grens’. Educatoren en conservatoren gingen samen met experts uit de erfgoed-, onderwijs- en theaterwereld in op verschillende relevante vraagstukken over diversiteit, inclusiviteit en mondiaal besef en de toepassing daarvan binnen educatie en tentoonstellingen. Zo besprak erfgoedprofessional/historicus Wim Manuhutu het mondiale karakter van WO2 en de inmiddels ‘superdiverse’ samenleving. Zangeres/actrice Francesca Pichel (Theatercollectief SirDuke/Orkater) nam de educatoren op muzikale en persoonlijke manier mee in het belang van inclusiviteit bij herdenken en deelde de keuzes en dilemma’s tijdens het maakproces van de theaterdocumentaire Hatta & De Kom. Minka Bos, directeur St. In Mijn Buurt, ging in op de methodiek van hun onderwijsprogramma’s, waarin de ontmoeting tussen generaties en buurt centraal staat. Hoe wordt daarbij aandacht besteed aan het mondiale karakter van WO2? Tekstschrijver/docent Reinwardt Academie Marie Baarspul besprak met de aanwezigen o.a. tekstvoorbeelden met focus op mondiaal besef, inclusiviteit en complexe begrippen. Manuhutu sloot de dag af met reflectie en er werd besproken welke vervolgstappen er konden worden genomen, zoals op het gebied van taal en begrippen.

Koloniale sporen in mijn buurt

In 2017 bundelde het IHC haar krachten al met Stichting In Mijn Buurt en Educatie Studio om leerlingen uit het voortgezet onderwijs in contact te brengen met generaties die de oorlog in Nederlands-Indië meemaakten via de lancering van het onderwijsprogramma ‘Koloniale sporen in mijn buurt’. Ofwel: jongeren van nu leren via ontmoeting en persoonlijk doorgegeven verhalen met een oudere van toen over koloniale geschiedenis, in plaats van uit een boek. Dat bleek veel indruk te maken op alle betrokkenen. Na het succes van ‘Koloniale sporen in mijn buurt’ in 2017, rolde het IHC dit project in 2018 verder uit in zowel Den Haag als Amsterdam, en het streven is om in de toekomst ook in andere regio’s van start te gaan.


Mw Joty ter Kulve werd door leerlingen Nadia en Chaima geïnterviewd over haar ervaringen in Nederlands-Indië en de oorlog in het kader van ‘Koloniale sporen in mijn buurt’.

Indische ooggetuige: Joty ter Kulve

Mw Joty ter Kulve was zowel in 2017 als 2018 een van de Indische ooggetuigen die tijdens ‘Koloniale Sporen in mijn Buurt’ in gesprek ging met leerlingen uit het voortgezet onderwijs.

Hoe heeft u de ontmoeting met de leerlingen ervaren?
‘Het was een heel bijzondere dag. In de klas waar ik kwam zaten leerlingen met allerlei verschillende culturele achtergronden. Ik was van tevoren door de docenten gewaarschuwd dat de klas nogal eens rumoerig en heel druk kon zijn en dat leerlingen hun aandacht soms allesbehalve bij de les hebben. Maar vanaf dat ik begon te vertellen, werd het muisstil. Je kon een speld horen vallen. Ik deelde mijn persoonlijke ervaringen over mijn leven als jonge vrouw in Nederlands-Indië. De oorlog, de Japanse bezetting, mijn tijd in het kamp. Maar ook de bevrijding, de Bersiap en mijn komst naar Nederland. Toen de leerlingen me vragen mochten stellen, schoten alle vingers omhoog. ‘Waarom kregen jullie niets te eten?’ ‘Maar wat kregen jullie dan als er wel iets te eten was? En welke kleren droegen jullie?’ Er was één meisje dat maar vragen op me af bleef vuren – de ene vraag na de andere, er kwam gewoon geen eind aan. Ik kreeg er spontaan de slappe lach van.’ 

Hoe was het voor u om uw verhaal aan een veel jongere generatie te vertellen?
‘Het was verrassend leuk, ondanks dat het natuurlijk niet erg leuke verhalen waren. Maar ik vind het belangrijk om te vertellen over wat ik heb meegemaakt, zodat juist de jongere generaties daarvan kunnen leren. Ondanks dat ik 92 ben en de leerlingen niet veel ouder dan 15, 16 jaar waren, konden we echt met elkaar in gesprek gaan. Vooral bij de leerlingen met een migratieachtergrond bespeurde ik een bepaalde herkenning toen ik vertelde over hoe Indische mensen zich hebben moeten aanpassen aan het leven in Nederland en hebben moeten integreren, en het daar best moeilijk mee hebben gehad. Dat greep mij zelf ook wel aan, want ik heb veel leed en onbegrip zien voortkomen uit culturele verschillen. Ik vind het heel belangrijk om met jongeren van nu, die soms op andere manieren met vergelijkbare thema’s worstelen, hierover in gesprek te gaan. Want alleen zo zorg je voor echte uitwisseling, overdracht en begrip.’ 

Plekken met een verhaal 

In 2018 startte het IHC met de voorbereidingen voor en ontwikkeling van het educatieve project ‘Plekken met een verhaal’ dat bedoeld is om aan te sluiten bij het vak ‘Burgerschap’ voor MBO leerlingen. ‘Plekken met een verhaal’ is een onderwijsprogramma waarbij plekken met een WOII verleden het vertrekpunt vormen om leerlingen via verhalen te vertellen over de oorlog en naar aanleiding van die verhalen in te gaan op onderwerpen verschillende burgerschapsthema’s als onder meer vrijheid en identiteit. In 2019 zullen leerlingen via een digitale leeromgeving voorbereid worden op een bezoek aan het IHC, en aan de hand van verschillende opdrachten en filmclips – verhalen van WOII-ooggetuigen in gesprek met MBO-leeftijdsgenoten waarmee de leerlingen zich kunnen identificeren – leren over de Indische geschiedenis. De persoonlijke verhalen en dilemma’s waar mensen tijdens WOII voor kwamen te staan zijn de uitgangspunten om met leerlingen in gesprek te gaan en na te denken over bredere en meer universele menselijke thema’s als respect, menselijkheid en vrijheid. De bedoeling van het project is om leerlingen van nu verbinding te laten leggen met hun eigen ervaringen en leefwereld en hun familiegeschiedenis en ze na te laten denken over deze belangrijke onderwerpen. 

Plekken met een verhaal is een samenwerking van het IHC met NM Kamp Vught, NM Kamp Amersfoort, Herinneringscentrum Kamp Westerbork, Nationaal Holocaust Museum, Nationaal Comité 4/5 mei, Anne Frank Stichting, Landelijk Steunpunt Gastsprekers en diverse lokale MBO-opleidingen.

In 2019 zal het programma voor MBO-leerlingen van start gaan, in 2018 werkte het IHC aan het vormgeven van de digitale leeromgeving, lesmateriaal, en andere voorbereidingen om ‘Plekken met een verhaal’ te kunnen realiseren. ‘Plekken met een verhaal’ vormt onderdeel van de eerdergenoemde Kwaliteits Impuls Educatie.


In 2018 werkte het IHC aan het ontwikkelen van een digitale leeromgeving voor het onderwijsproject ‘Plekken met een verhaal’.

Educatie projecten

Maartje Strijbis is als projectmedewerker educatie verbonden aan het IHC.

Jij bent per mei 2018 begonnen bij het IHC. Vertel, waar ben je zoal mee bezig geweest?
‘Samen met Ardjuna heb ik gewerkt aan de inhoud en organisatie van de SMH Expertmeeting Mondiale Dimensie WO2. Deze meeting ging over perspectieven, diversiteit en behandelde best practices als het gaat om educatieve projecten, het mondiale karakter van WO2 en een inclusieve blik op de geschiedenis. Een interessante workshop deze dag vond ik die over taalgebruik. Zorgvuldig en bewust je woorden kiezen in museale en educatieve context, woorden doen ertoe. Daarnaast heb ik ons educatieproject ‘Koloniale sporen in mijn buurt’ – i.s.m. Stichting In mijn buurt en Educatiestudio – getrokken in Den Haag, Zaandam en Amsterdam als inhoudelijk projectleider vanuit het IHC. In Den Haag heb ik onder andere de geschiedenislessen over het Nederlands koloniaal verleden in Nederlands-Indië gegeven en de doorwerking en sporen hiervan in het heden. Deze introductielessen maken onderdeel uit van het lesprogramma ter voorbereiding op de ontmoetingen van de leerlingen met de Indische, Surinaamse en Antilliaanse ouderen. Verder hebben we in 2018 gewerkt aan de opzet, inhoud en digitale leeromgeving van het educatieproject ‘Plekken met een verhaal’ dat we in 2019 gaan uitrollen voor studenten van het MBO. Zulke projecten kennen vaak een lange aanloop. Maar voor 2019 staat het programma er, en kunnen we van start.’

Wat vind jij zo belangrijk aan educatie?
‘Onderwijs blijkt echt een sleutel tot inzicht, begrip en tolerantie. Als je wilt dat jongeren blijvend iets leren van geschiedenis, moet je bedenken hoe je die geschiedenis presenteert. Bij het IHC verbinden we via ons lesmateriaal en creatieve werkvormen de leefwereld van een 15-jarige vwo-leerling van nu met het verleden. De huidige samenleving is superdivers – dat is terug te zien in schoolklassen met leerlingen met allerlei culturele achtergronden maar ook in bijvoorbeeld een stad als Den Haag waar meer dan 180 talen worden gesproken. Over geschiedenis praten met als startpunt thema’s als (on)vrijheid, migratie, beeldvorming en identiteit is een goede insteek gebleken: op die manier kunnen leerlingen zich verbinden met het Indische verhaal en hun eigen familiegeschiedenissen. Zelf vind ik het heel bijzonder om te zien dat er kwartjes gaan vallen bij leerlingen. Je weet nooit precies hoe of wanneer. Het kan één zin zijn, een getal of het persoonlijk verhaal van iemand die WO2 in Nederland-Indië in een Japans kamp heeft overleefd. Ik vertel ook vaak over mijn eigen grootouders en wat zij hebben meegemaakt in Nederlands-Indië, dan wordt het meteen muisstil. Deze verhalen nemen leerlingen mee en blijven ze bij zich dragen. Jonge mensen zijn enorm slim, empathisch en veerkrachtig. Zo geven we leerlingen aan het eind van onze museumles een ansichtkaart met een kaart van de wereld erop. In de les hebben we de route bekeken op een grote wereldkaart die Indische Nederlanders naar Nederland hebben afgelegd tijdens de repatriëring. Op de ansichtkaart kunnen ze de reisweg van hun eigen familie tekenen. Zo komen ze tot het besef dat bijna iedereen migratie in zijn familie heeft. Achterop de kaart schrijven de studenten wat ze meenemen van hun bezoek aan het IHC. Eén meisje schreef op: ‘Van dit bezoek neem ik mee dat we mensen die vroeger veel hebben meegemaakt, moeten steunen in de toekomst. Wij als derde en vierde generatie hebben er nog steeds mee te maken.’ Dat een leerling tot dit besef komt door ons programma maakt me trots. Ik vind het mooi om te zien als er op die manier begrip en empathie voor elkaar ontstaat. Want daar wil het nog wel eens aan ontbreken vandaag de dag. Onderwijs is daarbij onmisbaar, en wat mij betreft de basis voor elke discussie en wederzijds begrip.’

De trilogie ‘Oorlogsverhalen: De Ontdekking, de zoektocht en de terugkeer’ van Eric Heuvel kwam in 2018 uit. 

Educatief materiaal 

Een van de manieren om kennis en ook erkenning van de Indische geschiedenis in ons nationale bewustzijn te verankeren, is via onderwijs op scholen. Gedegen en historisch correct educatiemateriaal is daarbij natuurlijk een eerste voorwaarde. Daarom zet het IHC zich structureel in om onderwijsmaterialen te ontwikkelen, met name voor leerlingen van het voortgezet onderwijs. Het IHC heeft de afgelopen jaren verschillende educatiematerialen (mede)ontwikkeld. Een van onze grote successen is de strip ‘De terugkeer’ van Eric Heuvel, die nog steeds populair is en in verschillende educatieve programma’s van het IHC wordt gebruikt. Dat ‘De Terugkeer’ relevant is en blijft, blijkt wel uit het feit dat er in 2017 een Franstalige editie uitkwam, en dit jaar kwam opnieuw uitgebracht werd als onderdeel van de trilogie ‘Oorlogsverhalen: De Ontdekking, de zoektocht en de terugkeer’ (uitgeverij Luitingh, i.s.m. de Anne Frank Stichting). 

Het IHC zet zich enerzijds in op het ontwikkelen van nieuw lesmateriaal waar docenten en leerlingen meer aan de slag kunnen tijdens de geschiedenislessen, anderzijds blijft het reeds bestaand materiaal onder de aandacht brengen. Zo kreeg het bestaande lesmateriaal bij ‘Thuis is ver weg’ bij de NOS-documentaire De oorlog van acteur Eric Schneider een makeover en een nieuwe frisse look, zowel in print als digitaal, en werd er een promotiefilm gemaakt om dit lesmateriaal onder de aandacht te brengen.

[foto vernieuwd lesmateriaal] 
[fotobijschrift] Het bestaande lesmateriaal bij  ‘Thuis is ver weg’ kreeg in 2018 een nieuwe look.

Wisseltentoonstellingen

Via diverse wisseltentoonstellingen biedt het IHC een podium aan eigentijdse projecten van diverse kunstenaars. In 2018 rondden we de expo Kopi Susu van fotografe Rosa Verhoeve die vanaf november 2017 op Bronbeek te zien was af met een lezing en feestelijke finissage. Een mooi besluit van een bijzonder project dat veel aandacht trok en breed bezocht werd. Tot ons verdriet kwam enkele maanden na afloop het bericht dat Rosa na ziektebed is overleden.  

Tong Tong Fair

Het IHC en MHM presenteerden zich op de Tong Tong Tong Fair 2018 voor het eerst als Museum Sophiahof door in het kader van de toekomstige tentoonstelling ‘Vechten voor Vrijheid’ de pop-up expo ‘Verhalen van verzet’ te verzorgen. Bezoekers konden zelf ook hun verhalen kwijt, en hun bijdragen krijgen een plek in de uiteindelijke tentoonstelling. De pop-up expo op de Tong Tong Fair dubbelde tevens als informatiestand van IHC/MHM en Museum Sophiahof: medewerkers en vrijwilligers waren aanwezig om bezoekers te informeren over ‘Vechten voor Vrijheid’ en Museum Sophiahof en met elkaar in gesprek te gaan. We kregen veel positieve en hartverwarmende reacties.  

Over Zee

Het Scheepvaartmuseum Amsterdam is voor het IHC een waardevolle partner in het bundelen van krachten om het verhaal van o.a. de repatriëring voor een breed publiek onder de aandacht te brengen. In september 2018 opende het Scheepvaartmuseum Amsterdam de tentoonstelling ms Oranje | Koers Gewijzigd. Als aanvulling op de tentoonstelling is de portrettenserie Over zee van Machteld de Vries en fotograaf Corné Sparidaens, die in 2016 bij het IHC op Bronbeek te zien was, in aangepaste vorm tentoongesteld in het Kenniscentrum van het Scheepvaartmuseum. Van zulke samenwerkingen die naadloos op elkaar aansluiten worden wij als IHC heel blij! 

Lopende projecten 

Voordat een tentoonstelling door publiek bezocht kan worden, gaat er een lange weg aan vooraf: er moet een onderwerp bepaald worden, research gedaan worden, een plan komen, fondsen geworven worden en dat plan moet vervolgens gerealiseerd worden. Achter de schermen gebeurt er dus veel wat nog niet te zien is. In 2018 begonnen we aan de voorbereiding van de tentoonstelling ‘Vechten voor Vrijheid. De vele gezichten van Verzet’ die de openingstentoonstelling zal vormen van ‘Museum Sophiahof, Van Indië tot Nu’ dat door Koning Willem-Alexander geopend zal worden. Hierin staan verhalen en verschillende gezichtspunten van verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog centraal. 2018 was landelijk het Jaar van Verzet: in het hele land werd extra aandacht besteed aan de rol van verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog. In dat kader startte het IHC in nauwe samenwerking met het Moluks Historisch Museum (MHM) aan het ontwikkelen van de openingstentoonstelling van Museum Sophiahof, die eind juni 2019 te bezichtigen zal zijn. 

Een van de uitgangspunten van de openingstentoonstelling ‘Vechten voor Vrijheid’ is dat het publiek een belangrijke bijdrage levert aan en onderdeel uitmaakt van de tentoonstelling. In onze IHC-nieuwsbrieven plaatsten we daarom in 2018 verschillende oproepen om persoonlijke verhalen te delen. Op de Tong Tong Fair 2018 organiseerden we samen met het Moluks Historisch Museum een pop-up tentoonstelling Verhalen van Verzet en de tweede editie van Gepeperd Verleden, waarbij we samen met panelleden en aanwezigen verschillende perspectieven verkenden op verzet, collaboratie, taalgebruik over het koloniale verleden en de wijze waarop we herdenken vormgeven bespraken.


Werk van Rosa Verhoeve.


De pop-up expo ‘Verhalen van verzet’ op de Tong Tong Fair 2018. 

IHC in Het Scheepvaartmuseum 

Gundy van Dijk is Hoofd Educatie en Publieksactiviteiten bij Het Scheepvaartmuseum Amsterdam. Op haar initiatief werd een deel van de IHC expo Over Zee tentoongesteld als aanvulling op de expo ms Oranje | Koers Gewijzigd. 

Hoe kwam je op het idee hiervoor?
‘In de voorbereiding voor onze tijdelijke tentoonstelling ms Oranje | Koers Gewijzigd heeft Het Scheepvaartmuseum met verschillende inhoudelijke partners gesproken. Een team van het museum heeft toen onder meer de tentoonstelling van het Indisch Herinneringscentrum (destijds nog in Museum Bronbeek) bezocht. Omdat in onze tentoonstelling rondom dit specifieke schip niet het verhaal van de Molukkers wordt verteld, was dit project voor ons een mooie en relevante aanvulling op het eigen verhaal. De tentoonstelling is tijdens de Maand van de Geschiedenis (oktober 2018), getoond in de museumbibliotheek.’

In welk opzicht heeft deze samenwerking met het IHC de aan de expo in Het Scheepvaartmuseum bijgedragen en die verrijkt?
‘Het heeft ons op verschillende manieren verrijkt. We weten elkaar al enkele jaren te vinden voor het delen van expertise in educatie en het bereiken van een nieuwe doelgroep. Ook voor publieksprogrammering is de samenwerking een succes. We hebben met elkaar verschillende programma’s georganiseerd, onder meer een uitverkochte Indische Salon (2017), Gepeperd Verleden (2018) en Café Riboet (2019).’

Zie je mogelijkheden voor meer samenwerkingen in de toekomst?
‘Het onderlinge contact is heel goed. Onderdeel van de nieuwe missie van Het Scheepvaartmuseum is om ‘betrokken en urgent’, en ‘ondernemend en verbindend’ te zijn. Dit willen wij graag voortzetten met inhoudelijke samenwerkingspartners als het IHC en Museum Sophiahof.’

U bent hier